Onderwijs > Overgangsnormen Vmbo > Leerjaar 3
Normering leerjaar 3
Schooljaar 2011 - 2012
Normering leerjaar 3
Hoewel de bovenbouw VMBO onderwijskundig ongedeeld is en het examen gespreid is over de leerjaren 3 en 4, kan de docentenvergadering toch een dringend advies uitspreken dat een leerling op grond van behaalde resultaten beter niet toegelaten kan worden tot het laatste examenjaar. Uitgangspunt daarbij is het feit dat een leerling een duidelijke kans van slagen moet hebben. Daarom hanteren wij op het eind van periode 4 (leerjaar 3) onderstaande normering:
1. Het totaal aantal punten bedraagt minimaal het aantal vakken x 6 – 2.
2. Het totaal aantal verliespunten mag niet meer dan 4 zijn.
3. De cijfers, behaald voor het gekozen vakkenpakket voor klas 4, moeten voldoende zijn om te kunnen slagen volgens de eisen van het examenreglement.
4. CKV moet met voldoende of goed afgesloten zijn.
5. GPO I moet afgesloten zijn.
Examenreglement*
1. De kandidaat die eindexamen VMBO heeft afgelegd, is geslaagd indien het rekenkundig gemiddelde van zijn bij het centraal examen behaalde cijfers ten minste 5,5 is, en hij tevens:
a. voor al zijn examenvakken het eindcijfer 6 of hoger heeft behaald;
b. voor ten hoogste een van zijn examenvakken het eindcijfer 5 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger, of;
c. voor ten hoogste een van zijn examenvakken het eindcijfer 4 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger waarvan ten minste één 7 of hoger, of;
d. voor twee van zijn examenvakken het eindcijfer 5 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger waarvan ten minste één 7 of hoger, met dien verstande dat het eindcijfer van het afdelingsvak of intrasectorale programma in de Basis Beroepsgerichte en de
Kader Beroepsgerichte Leerweg wordt meegerekend als twee eindcijfers.
2. In aanvulling op het eerste lid geldt tevens dat voor de vakken Lichamelijke Opvoeding, Kunstvakken 1 en het Sectorwerkstuk de kwalificatie ‘voldoende’ of ‘goed’ is behaald.
Normering leerjaar 3
Hoewel de bovenbouw VMBO onderwijskundig ongedeeld is en het examen gespreid is over de leerjaren 3 en 4, kan de docentenvergadering toch een dringend advies uitspreken dat een leerling op grond van behaalde resultaten beter niet toegelaten kan worden tot het laatste examenjaar. Uitgangspunt daarbij is het feit dat een leerling een duidelijke kans van slagen moet hebben. Daarom hanteren wij op het eind van periode 4 (leerjaar 3) onderstaande normering:
1. Het totaal aantal punten bedraagt minimaal het aantal vakken x 6 – 2.
2. Het totaal aantal verliespunten mag niet meer dan 4 zijn.
3. De cijfers, behaald voor het gekozen vakkenpakket voor klas 4, moeten voldoende zijn om te kunnen slagen volgens de eisen van het examenreglement.
4. CKV moet met voldoende of goed afgesloten zijn.
5. GPO I moet afgesloten zijn.
Examenreglement*
1. De kandidaat die eindexamen VMBO heeft afgelegd, is geslaagd indien het rekenkundig gemiddelde van zijn bij het centraal examen behaalde cijfers ten minste 5,5 is, en hij tevens:
a. voor al zijn examenvakken het eindcijfer 6 of hoger heeft behaald;
b. voor ten hoogste een van zijn examenvakken het eindcijfer 5 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger, of;
c. voor ten hoogste een van zijn examenvakken het eindcijfer 4 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger waarvan ten minste één 7 of hoger, of;
d. voor twee van zijn examenvakken het eindcijfer 5 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger waarvan ten minste één 7 of hoger, met dien verstande dat het eindcijfer van het afdelingsvak of intrasectorale programma in de Basis Beroepsgerichte en de
Kader Beroepsgerichte Leerweg wordt meegerekend als twee eindcijfers.
2. In aanvulling op het eerste lid geldt tevens dat voor de vakken Lichamelijke Opvoeding, Kunstvakken 1 en het Sectorwerkstuk de kwalificatie ‘voldoende’ of ‘goed’ is behaald.